Paragrafen

Paragraaf Lokale heffingen

De raming van de heffingen/rechten heeft een directe relatie met de raming van de kosten. De activiteiten, waarvan de kosten via een heffing of recht worden verhaald, staan merendeels op een taakveld. Een verschil tussen de kosten genoemd bij een taakveld en opgenomen in deze paragraaf is dat niet alle kosten wettelijk toerekenbaar zijn en daarmee niet verhaalbaar zijn op de belastingplichtige. Ook worden de kosten van overhead, rente, btw en heffingskosten separaat toegerekend. Deze paragraaf is daarmee een fiscale verbijzondering van de geraamde kosten en inkomsten. De tabel ‘meerjarenperspectief 2027-2030’ geeft per heffingssoort inzage in de mate van kostendekkendheid.

In deze paragraaf wordt weergegeven op welke wijze wij invulling geven aan de uitgangspunten genoemd in het coalitieakkoord, perspectiefnota en aanverwante beleidsnotities. In bepaalde gevallen wijken wij daarvan af in verband met nieuwe ontwikkelingen die van invloed zijn op de kosten- en de inkomstenramingen. In dat geval benoemen wij de afwijkingen.

De oplopende inflatie en energieprijzen en kosten van levensonderhoud hebben invloed op de ruimte in de te besteden gelden van de inwoners. Op dit moment is er geen directe aanleiding om gevolgen te kunnen verbinden aan openstaande vorderingen. Uit de belastingverordeningen volgt overigens of er belasting is verschuldigd. Een “crisissituatie” is hierop niet van invloed. Wel kan er een groter deel van de belastingen oninbaar verklaard gaan worden en kan het totaalbedrag aan kwijtschelding hoger uitvallen dan geraamd.

De invoering van de Omgevingswet is van kracht geworden per 1 januari 2024. In de voorliggende legesverordening zijn de tarieven opgenomen met indexering van het algemene uitgangspunt van 3.8%. Daarnaast wordt in de begroting 2027 voorgesteld de tarieven Omgevingswet  met 5% extra te verhogen ter verhoging van de kostendekkendheid en ter verruiming van het financieel perspectief. Tarieven zijn afgerond op vijf centen naar beneden om hanteerbare tarieven te kunnen hanteren.

In het coalitieakkoord is besloten tot verruiming van de termijnen automatische incasso. Vanaf 2023 zijn de termijnen aangepast naar twaalf maanden. Inwoners kunnen gebruik maken van de mogelijkheid tot de afgifte van een automatische incasso en aansluitend wordt het totaalbedrag van de vordering in  twaalf maandelijkse termijnen geïncasseerd.

Deze pagina is gebouwd op 09/10/2026 16:27:51 met de export van 09/10/2026 16:15:38