De Perspectiefnota 2027 van De Fryske Marren is het uitgangspunt voor het opstellen van de Programmabegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030 van De Fryske Marren. De begroting is de financiële vertaling van de perspectiefnota. Hieronder volgen de kaders voor deze begroting.
Algemene uitkering gemeentefonds
In de Perspectiefnota 2027 is wat betreft de berekening van de algemene uitkering uit het Gemeentefonds uitgegaan van de decembercirculaire 2025. Inmiddels is er eind mei een nieuwe circulaire voor de algemene uitkering verschenen. Over de uitwerking van deze meicirculaire is afzonderlijk besloten. De financiële gevolgen zijn opgenomen in deze begroting (zie 1.2 algemene financiële situatie). De begroting gaat dus uit van de meicirculaire 2026.
Loon- en prijscompensatie
In de beleidsprogramma's in onze meerjarenbegroting gaan wij uit van constante prijzen. Dit houdt in dat toekomstige indexeringen niet worden meegenomen met uitzondering van de algemene uitkering en OZB. Deze zijn op basis van lopende prijzen. Dit betekent dat we daar wel rekening houden met verwachte toekomstige indexeringen op basis van de macro-economische verkenningen van het CBS. Bij de algemene dekkingsmiddelen hebben we een reservering opgenomen voor de loon- en prijscompensatie voor de toekomstige jaren.
Reserves en voorzieningen
In de financiële verordening zijn de uitgangspunten vastgelegd voor het vormen en besteden van (bestemmings-) reserves en voorzieningen. In 2024 is de geactualiseerde Nota Reserves en voorzieningen vastgesteld door de gemeenteraad. In deze nota zijn alle reserves en voorzieningen, met bijbehorende uitgangspunten, opgenomen. De mutaties in de reserves en voorzieningen zijn conform de Perspectiefnota 2027 verwerkt in deze begroting.
Structureel – incidenteel
Structurele middelen kenmerken zich doordat zij vanaf het startjaar jaarlijks in de begroting worden opgenomen. Incidentele middelen daarentegen beperken zich tot één of een beperkt aantal jaren. De incidentele budgetten worden gedekt ten laste van de algemene reserve en worden gepresenteerd in het overzicht incidentele baten en lasten, zie hoofdstuk 1.5.
Rente
Rentepercentage nieuwe investeringen
Voor nieuwe investeringen dient nieuw geld aangetrokken te worden. De marktrente bedraagt op het moment van de Perspectiefnota 2027 3,51% (10 jaar Fixe BNG). Gelet op de onzekerheid in de markt is het gerechtvaardigd hier een risico-opslag bij te tellen. In deze begroting (conform Perspectiefnota 2027) houden we daarom rekening met een rentepercentage van 4% voor nieuwe investeringen.
Voor grondexploitaties rekenen we op grond van de voorschriften van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) de omslagrente toe aan gronden in exploitatie. Voor 2027 rekenen we met een omslagrente van 1,25%.
Afschrijvingen
Conform de financiële verordening 2026 starten we met het afschrijven van investeringen met een economisch nut en een maatschappelijk nut in het jaar volgend op het moment van ingebruikname. De afschrijvingstermijnen zijn gebaseerd op de financiële verordening.
Lastenontwikkeling
Algemene dekkingsmiddelen
De onroerendezaakbelastingen (OZB), forensenbelasting en toeristenbelasting zijn algemene dekkingsmiddelen. De verhoging OZB is gebaseerd op de inflatie en de loonontwikkeling. De verhogingen zijn 3,8% in 2027, 3,4% in 2028 en 3,5% in 2029 en 2030. In het laatste kwartaal van 2026 ontvangt u de voorstellen voor de tarieven 2027.
Specifieke dekkingsmiddelen
Het rioolrecht en de afvalstoffenheffing zijn specifieke dekkingsmiddelen. Uitgangspunt is dat we hiervoor kostendekkende tarieven hanteren. Dit betekent dat we als algemeen beleidsuitgangspunt hanteren dat we geen kosten van de riolering en de afvalinzameling ten laste van de algemene middelen brengen.
Overhead
Naast de directe kosten wordt een deel van de indirecte kosten - de zogenaamde overhead - toegerekend aan investeringswerken (vooral grondexploitatie), projecten en dienstverlening voor derden. In het BBV staat de volgende definitie van overhead: Overheadkosten zijn alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. De overheadkosten bestaan onder andere uit:
- personele lasten van de overheadfuncties;
- kosten ICT-systemen van de overheadfuncties;
- huisvestingskosten en facilitaire kosten die betrekking hebben op kantoorruimten, etc.
